OPRICHTING STICHTING

Stichting Huurdersalliantie De Brug
2014.000955.01/DT-1.

 

Heden, drieëntwintig juli tweeduizend veertien , verschenen voor mij, mr. CAROLINA MARIA VAN DE VEERDONK , kandidaat-notaris, hierna te noemen 'notaris' als waarnemer van mr. FRANCISCUS WILHELMUS WOUTER MARY GOVERS notaris te Capelle aan den IJssel:

  1. de heer W_ A_ DE BRUIN, wonende te _, geboren _;
  2. de heer R_ J_ GLOUDI, wonende te _, geboren _;
  3. de heer S_ DE KOK, wonende te _, geboren _;
  4. de heer W_ P_ M_ PETERS, wonende te _, geboren _.

De verschenen personen verklaarden bij deze akte een stichting op te richten en daarvoor de volgende statuten vast te stellen:

 

NAAM EN ZETEL

 

Artikel 1

  1. De stichting is genaamd: Stichting Huurdersalliantie De Brug.
  2. De stichting is gevestigd in de gemeente Rotterdam.
  3. De stichting is werkzaam binnen het werkgebied van Stichting Havensteder, gevestigd te Rotterdam (hierna te noemen : "Havensteder").

 

DOEL EN MIDDELEN

 

Artikel 2

  1. De stichting heeft als doel op het gebied van de volkshuisvesting de belangen te behartigen van huurders van woongelegenheden in eigendom of beheer van Havensteder, welke behartiging zich voornamelijk richt op deze woongelegenheden en de woonomgeving.
  2. De stichting tracht dit doel onder meer te bereiken door:
    1. het voeren van overleg met Havensteder en het uitoefenen of waarnemen van een aantal rechten en bevoegdheden op basis van de vigerende wetgeving (thans: de Wet op het overleg huurders verhuurder en het Besluit beheer sociale huursector) en een af te sluiten samenwerkingsovereenkomst tussen de stichting en Havensteder;
    2. het betrekken van huurdersorganisaties of bewonerscommissies als bedoeld in de Wet op het overleg huurders verhuurder door middel van periodiek raadplegen en informeren ten aanzien van standpuntbepaling ;
    3. het al dan niet via de huurdersorganisaties of bewonerscommissies als hiervoor onder b. genoemd op de hoogte houden van de huurders van Havensteder van haar activiteiten;
    4. het bieden van bestuurlijke en inhoudelijke ondersteuning van bewonerscommissies als bedoeld onder b.
    5. het bieden van de mogelijkheid aan alle huurders van Havensteder zich via de huurdersorganisaties als bedoeld in artikel 3, aan te sluiten bij de stichting;
    6. alle andere wettige middelen die het doel van de stichting kunnen bevorderen.
  3. De wijze waarop de huurders bij de standpuntbepaling als bedoeld onder b van lid 2 worden betrokken en op de hoogte worden gehouden van de activiteiten van de stichting als bedoeld onder c van lid 2, wordt vastgelegd in een reglement, welke regeling in elk geval inhoudt dat het bestuur ten minste één keer per jaar een vergadering uitschrijft voor de huurders waarin zij verantwoording aflegt van haar activiteiten in het verstreken jaar en haar plannen voor het eerstvolgende jaar bespreekt.

 

Artikel 3

  1. De huurdersorganisaties als bedoeld in artikel 2 lid 2 onder b zijn bij het in werking treden van deze statuten:
    - Stichting Huurdersalliantie ComWonen;
    - Stichting Huurdersplatform PWS.
  2. Het bestuur laat overeenkomstig artikel 1 van de Wet op het overleg huurders verhuurder, andere huurdersorganisaties aan de in lid 1 van dit artikel genoemde huurdersorganisaties toevoegen.

 

BESTUUR

 

Artikel 4

  1. Het bestuur van de stichting bestaat uit maximaal dertien natuurlijke personen.
  2. Is het bestuur niet voltallig dan behoudt het zijn bevoegdheden mits ten minste drie bestuursleden in functie zijn. Het bestuur bevordert dat zo spoedig mogelijk in vacatures wordt voorzien.

 

Artikel 5

  1. Het bestuur vormt zoveel mogelijk een representatieve afspiegeling van de huurders die het vertegenwoordigt.
  2. De leden van het bestuur worden door het bestuur benoemd op een voordracht. Vanuit een samenwerkingsverband van de i n artikel 2 bedoelde huurdersorganisaties kan op verzoek een bindende voordracht voor de benoeming van bestuursleden worden gedaan.
  3. Voor zover noodzakelijk wordt aan ieder van de bestuursfuncties een functieprofiel gekoppeld op basis waarvan de bindende voordrachten kunnen worden gedaan. Dat betekent dat voor een functie meerdere voordrachten kunnen plaatsvinden waarbij de best kwalificerende voordracht een voorkeu r heeft.
    Het bestuur stelt betrokkenen tijdig op de hoogte dat zij een bindende voordracht kunnen doen. De procedure voor het opstellen van het functieprofiel voor een vacante bestuursfunctie is geregeld in het huishoudelijk reglement.
  4. Wordt een bindend voorgedragen persoon door het bestuur niet benoemd (nadat hierover bindend advies is ingewonnen bij de Raad van Advies als bedoeld in artikel 23), dan moet aan de voordragende instantie om een nieuwe bindende voordracht worden gevraagd.

 

Artikel 6

Lid van het bestuur kan in elk geval niet zijn:

    1. een persoon die in dienst is van Havensteder;
    2. een persoon die deel uitmaakt van het bestuur of van de raad van commissarissen van Havensteder.
    3. een persoon die deel uitmaakt van de adviesraad van Havensteder.

Artikel 7

      1. Een lid van het bestuur treedt uiterlijk vier jaar na zijn benoeming af volgens een door het bestuur op te maken rooster van aftreden.
      2. Wie benoemd wordt in de plaats van een tussentijds afgetreden lid van het bestuur neemt op het rooster van aftreden de plaats van zijn voorgang er in.
      3. Een op grond van lid 1 van dit artikel afgetreden lid van het bestuur kan worden herbenoemd. Bij herbenoeming worden dezelfde regels in acht genomen die voor benoeming gelden.

 

Artikel 8

Een lid van het bestuur is te allen tijde bevoegd zelf ontslag te nemen, mits dit

schriftelijk gebeurt.

 

Artikel 9

  1. Een lid van het bestuur kan worden geschorst of ontslagen door het bestuur.
  2. Voor een besluit tot ontslag is een meerderheid van twee/derden vereist in een vergadering waar alle leden van het bestuur aanwezig zijn. Verkeert een lid van het bestuur in de onmogelijkheid aan deze vergadering deel te nemen, dan kan niettemin een geldig besluit worden genomen door de aanwezige leden van het bestuur mits de reden van het niet aanwezig zijn van het desbetreffende lid van het bestuur in het besluit wordt genoemd.
  3. Een schorsing die niet binnen drie maanden wordt gevolgd door ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

Artikel 10

Het bestuur wijst uit zijn midden een voorzitter, een vicevoorzitter, een secretaris en een penningmeester aan; dezen vormen tezamen het dagelijks bestuur.

 

BESTUURSBEVOEGDHEID

 

Artikel 11

Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.

 

VERTEGENWOORDIGINGSBEVOEGDHEID

 

Artikel 12

De stichting wordt vertegenwoordigd door het bestuur dan wel door twee gezamenlijk handelende leden van het dagelijks bestuur.

 

BESTUURSVERGADERINGEN EN BESTUURSBESLUITEN

Artikel 13

  1. leder kalenderkwartaal wordt ten minste één vergadering gehouden.
  2. Voorts wordt een vergadering gehouden wanneer de voorzitter dit nodig acht.
  3. Wanneer een lid van het bestuur het nodig acht dat een vergadering wordt gehouden , kan hij de voorzitter schriftelijk en onder nauwkeurige opgave van de te behandelen punten verzoeken een vergadering bijeen te roepen. Geeft de voorzitter aan een dergelijk verzoek geen gevolg dan is de verzoeker bevoegd zelf een vergadering bijeen te roepen op de wijze waarop volgens deze statuten de voorzitter een vergadering bijeenroept. Aan een dergelijk verzoek wordt in elk geval geacht geen gevolg te zijn gegeven indien de vergadering niet binnen drie weken na het verzoek wordt gehouden.

 

Artikel 14

  1. Behalve wanneer overeenkomstig het derde lid van artikel 13 de vergadering door een lid van het bestuur wordt bijeengeroepen, geschiedt de oproeping tot de vergadering door de voorzitter.
  2. De oproeping gebeurt met inachtneming van een termijn van ten minste zeven dagen, waarbij de dag van de oproeping en die van de vergadering niet worden meegerekend.
  3. De oproeping gebeurt schriftelijk waarbij worden vermeld de plaats en het tijdstip van de vergadering en de te behandelen onderwerpen.
  4. Ten minste eenmaal per jaar bespreekt het bestuur in een vergadering zijn eigen functioneren en dat van de leden van het bestuur.

 

Artikel15

      1. De vergaderingen worden geleid door de voorzitter of, bij diens afwezigheid, door de vicevoorzitter.
      2. Van hetgeen besproken en besloten is, worden door de secretaris notulen gemaakt. Deze notulen worden door het bestuur vastgesteld en ten bewijze daarvan door de voorzitter van de desbetreffende vergadering ondertekend.
      3. Besluiten kunnen slechts worden genomen over onderwerpen die bij de oproeping zijn meegedeeld.
      4. Zijn echter ter vergadering alle in functie zijnde leden van het bestuur aanwezig, dan kunnen besluiten worden genomen over alle aan de orde komende onderwerpen, mits met algemene stemmen, ook al zijn de door de statuten gegeven voorschriften voor het oproepen en het houden van vergaderingen niet in acht genomen.

 

Artikel 16

  1. Voor zover deze statuten geen grotere meerderheid voorschrijven , worden alle besluiten van het bestuur genomen met volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen.
  2. leder lid van het bestuur is bevoegd tot het uitbrengen van één stem.
  3. Een ter vergadering door de voorzitter uitgesproken oordeel omtrent de uitslag van een stemming, dan wel omtrent de inhoud van een genomen besluit - voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel - is beslissend.
  4. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzit ter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats indien de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een lid van het bestuur dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

 

BOEKJAAR, JAARSTUKKEN en BEGROTING

 

Artikel 17

Het boekjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

 

Artikel 18

      1. Het bestuur voert een administratie welke zodanig is ingericht dat deze te allen tijde een volledig inzicht verschaft omtrent het geheel van werkzaamheden van de stichting en van al haar rechten en verplichtingen.
      2. Het bestuur maakt jaarlijks een jaarrekening en een jaarverslag op.
      3. De jaarrekening en het jaarverslag worden door de leden van het bestuur ondertekend . Ontbreekt de handtekening van één of meer van hen, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt.

 

Artikel 19

Uiterlijk één maand voor het begin van een boekjaar stelt het bestuur de begroting voor dat boekjaar vast.

 

STATUTENWIJZIGING

 

Artikel 20

  1. Het bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen.
  2. Het besluit daartoe moet worden genomen met een meerderheid van twee/derden van de uitgebrachte stemmen.
  3. De wijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt.

 

ONTBINDING en VEREFFENING

 

Artikel 21

  1. De stichting wordt ontbonden:
    1. door een besluit van het bestuur;-
    2. na faillietverklaring door hetzij opheffing van het faillissement wegens de toestand van de boedel, hetzij door insolventie;
    3. door de rechter in de gevallen die de wet bepaalt.
  2. Voor een besluit als bedoeld in artikel 21 lid 1 sub a is een meerderheid vereist van twee/derden van de uitgebrachte stemmen.
  3. Bij ontbinding van de stichting geschiedt de vereffening door het bestuur van de stichting.
  4. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten zoveel mogelijk en zo nodig van kracht.
  5. De vereffenaars maken de goederen van de ontbonden stichting te gelde er voldoen de schulden.
  6. Een eventueel batig saldo van de ontbonden stichting wordt zoveel mogelijk besteed overeenkomstig het doel van de stichting.

 

REGLEMENT(EN)

 

Artikel 22

Het bestuur kan in een of meer reglementen een nadere uitwerking geven van deze statuten indien en voor zover regeling in de statuten zelf niet is vereist. Daarbij wordt ten minste een reglement samengesteld op grond waarvan de ruggespraak met de 'achterban' is georganiseerd.

 

RAAD VAN ADVIES

 

Artikel 23

  1. De stichting kan een Raad van Advies hebben voor welke een separaat reglement wordt opgesteld.
  2. Het bestuur heeft een volwaardige inspanningsverplichting om steeds te zorgen dat aan de mogelijkheid een Raad van Advies te hebben invulling wordt gegeven:
    1. door tijdig en frequent te werven;
    2. door periodiek organisaties uit de achterban te benaderen om aspirant·leden van de Raad van Advies te leveren:
    3. door jaarlijks uit de jaarvergadering met huurders functionarissen te laten aanwijzen.
  3. De Raad van Advies heeft ten doel om "de procedure die is gevolgd om te komen tot advies- en/of instemmingsbrieven aan de verhuurder , alsmede mondeling verstrekte adviezen en instemmingen procedureel op totstandkoming te toetsen". Daarnaast dient zij als sparringpartner van het bestuur van de stichting.
  4. De Raad van Advies bestaat uit maximaal acht en minimaat vier leden.
  5. Leden dienen huurder te zijn van Havensteder.
  6. De zittingstermijn van een lid van de Raad van Advies bedraagt maximaal vier jaren, te verlengen met een termijn van maximaal vier jaren.
  7. Benoeming van een lid in de Raad van Advies geschiedt door de Raad van Advies op voordracht van huurdersorganisaties/ gebiedsorganisatie en met instemming van de jaarvergadering. De jaarvergadering volgens de Wet op het overleg huurders verhuurder, is daarnaast bevoegd tot het doen van een bindende voordracht bij meerderheid van stemmen. Ontslag van leden van de Raad van Advies alsmede schorsing geschiedt bij meerderheid va n stemmen binnen de Raad van Advies. Daarnaast is de jaarvergadering bevoegd tot het ontslaan van de leden van Raad van Advies.

 

OVERGANGSBEPALING

 

In afwijking van hetgeen in de artikelen 4 en 5 is bepaald wordt het bestuur bij het in werking treden van deze statuten gevormd door:

  1. de heer W.A. de BRUIN;
  2. de heer R.J. GLOUDI;
  3. de heer S. de KOK;
  4. de heer W.P.M. PETERS. 

Uiterlijk twaalf maanden na het inwerking treden van deze statuten dient het bestuur te zijn samengesteld met inachtneming van het in de artikelen 4 en 5 bepaalde.

 

De verschenen personen zijn mij, notaris, bekend.

De identiteit van de bij deze akte betrokken verschenen personen is door mij, notaris, aan de hand van het hiervoor gemelde en daartoe bestemde documenten vastgesteld.

Deze akte is verleden te Rotterdam op de datum in het hoofd van deze akte vermeld.

De inhoud van de akte is aan de verschenen personen opgegeven en toegelicht.

De verschenen personen hebben eenparig verklaard op volledige voorlezing van de akte geen prijs te stellen, tijdig voor het verlijden van de inhoud van de akte te hebben kennis genomen en met de inhoud in te stemmen.

Vervolgens is deze akte onmiddellijk na beperkte voorlezing door de verschenen personen en mij, notaris, ondertekend om negen uur en twintig minuten.

 

(Volgt ondertekening)